Hoogleraar epidemiologie en genetica van oogziekten aan het Erasmus MC:
“Kinderen komen te weinig buiten en zijn veel te veel bezig met dichtbij kijken, of dat nu in boeken of op schermen is. Als dat uren achtereen gebeurt, kan dat de groei van de oogbol beïnvloeden. De problemen beginnen pas echt vanaf een jaar of veertig, als de veroudering van weefsels inzet. Doordat de oogbol van bijzienden langer is, is de achterkant van het oog dunner, en daarmee gevoeliger voor verouderingsverschijnselen.
Van de mensen die sterk bijziend zijn, met een brilsterkte hoger dan -6, wordt één op de drie slechtziend. Het gros door myopische maculadegeneratie, maar ze lopen ook meer kans op netvliesloslating en glaucoom. Als kinderen buiten spelen, focussen ze hun ogen vaker op voorwerpen in de verte waardoor deze scherper blijven. Daarnaast wordt onder invloed van zonlicht extra dopamine aangemaakt. Dat beschermt de oogbol tegen vervorming.”